Skip to content

Column 315

October 17, 2011

PRIMEUR VAN DE WEEK

Ignace Crombé laat weten dat voortaan ook mannen mogen deelnemen aan Miss Belgian Beauty. 

Hoe verleidelijk het aanbod ook is, ik aarzel om mij in te schrijven. Ik begin namelijk een beetje de indruk te krijgen dat de heer Crombé niet echt betrouwbaar is. Neem nu die historie, deze week, met die 250.000 euro die hij naar verluidt stiekem uit z’n bedrijf heeft weggecijferd naar een privérekening. Is dàt een man om vertrouwen in te hebben? Hij kan blijkbaar zelfs niet eens goed sjoemelen! 

Ik heb mij alvast voorgenomen om het resultaat van de Miss Belgian Beauty-verkiezing van dit jaar af te wachten, eer ik mij al dan niet inschrijf. Volgende week zaterdag weten we welk wonderlijk wezen het kroontje krijgt. De spanning is, zoals somtijds de mist, te snijden.

 

VOERTUIG VAN DE WEEK

Het tweepeekaatje, deze week zestig jaar geworden.

Door een speling van het lot heb ik enkele jaren met een tweepeekaatje gereden – let wel, ik spreek hier over de tijd dat anderen met een Golf Cabriolet moesten rijden, de sukkelaars. Bovendien moesten ze geruite hemden dragen, en een over de schouders gedrapeerde pullover, waarvan de mouwen dienden te zijn geknoopt ter hoogte van – o gruwel – de tepels. 

Nee, dan was ik in mijn tweepeekaatje toch beter af. Zo’n autootje leende zich bijvoorbeeld uitstekend tot het met open dak langzaam door de stad rijden terwijl een passagier rechtstaand de stomverbaasde wandelaars luidkeels de pauselijke zegen Urbi et Orbi gaf. Je kon er ook heel goed mee naar optredens rijden, van bandjes die boos klonken of net heel verdrietig. En naar het leger, dat diep in de bossen verscholen lag, en waar heel veel bier was en verder niks. En naar de supermarkt, teneinde er lijstjes af te vinken en naar de lekkere wijven te loeren – die toen nog mooie meisjes heetten. 

Je kon er ook in vrijen. Moeizaam, maar toch nog altijd beter dan op een brommer. 

 

BEKENTENIS VAN DE WEEK

Ik maak mij grote zorgen.

De naam van mijn bank is namelijk nog niet gevallen.

 

CITAAT VAN DE WEEK

“Ik ga leven als een pater.”

Aldus sprak Frank Vandenbroucke, naar aanleiding van de aankondiging van zijn plannen voor een definitieve comeback. Dat was toch even schrikken – ik wist niet eens dat hij überhaupt nog leefde. 

Leven als een pater. Hoe komt een mens erbij? Sterven als een pater, tot daar – met een fraaie streep gregoriaans erbij moet dat wel tof zijn –, maar léven als een pater? Niet doen, Frank! Dat is één en al ellende. Ik geef een willekeurig voorbeeld: je moet ’s morgens enorm vroeg opstaan. En eigenlijk ’s nachts ook al een keer. Niet omdat je prostaat steekt, maar omdat er gebeden moet worden. Gebeden! ’s Nachts! Alsof God aan slapeloosheid zou lijden!

Dus weg met die malligheid, Frank. Niks geen gepater. Renners moeten veel rusten. De benen, hé. En à bloc en zo – zwijgstil, ik weet er alles van. Zo ben ikzelve ooit eens wereldkampioen geworden. In een uitermate spannende strijd over één rondje om de blok (plusminus vierhonderd meter) versloeg ik respectievelijk Luc (tien jaar) en Dirk (acht) op grandioze wijze. O wat stond ik daar te pronken, bovenop de gemetselde brievenbus, in mijn door Lucs oma briljant met de hand gebreide regenboogtrui! En ik kan je verzekeren, Frank, dat ik in die tijd echt niet leefde als een pater. Zo dierf ik weleens op één dag liefst twéé ijsjes eten – als moeder het niet zag.

Advertisements

From → Uncategorized

Leave a Comment

Leave a Reply

Fill in your details below or click an icon to log in:

WordPress.com Logo

You are commenting using your WordPress.com account. Log Out / Change )

Twitter picture

You are commenting using your Twitter account. Log Out / Change )

Facebook photo

You are commenting using your Facebook account. Log Out / Change )

Google+ photo

You are commenting using your Google+ account. Log Out / Change )

Connecting to %s

%d bloggers like this: