Skip to content

Column 322

October 17, 2011

BERT VAN DE WEEK

Bert van Bert & Ernie zou zoals altijd gewonnen hebben ware daar niet Bert Anciaux geweest. Proficiat, Bert!

Het was ronduit een superBert, de Bert die we woensdagavond te zien kregen in TerZake. Voor ons zat een gewond man. (Hij bloedde wel niet zichtbaar, maar dat kwam doordat wij ongelovigen zijn stigmata niet zagen.) Een getormenteerd man, ook. Een man verteerd door verscheurende twijfel. Daarbij rolde hij dermate vervaarlijk met z’n ogen, dat ik achter mijn dekentje wegdook. Ik dacht: zo meteen breekt Bert. Breekt hij en barst hij in tranen uit en bekent hij snotterend allerlei dingen die ik niet wil weten.

Maar hij brak niet. Bért bràk niét. Meesterlijk bleef hij heel. Meester, bleef hij, van het vuur dat in zijn borst woedt, van de stroom die door zijn hoofd raast, meester, van de kortsluiting en de uitslaande brand. Gerustgesteld gooide ik mijn dekentje van me af. En toen Bert tot slot nog even meegaf dat hij aanbleef als minister, sprong ik jubelend op en trakteerde ik mezelf op een gulzige geut Laphroaig Quarter Cask. 

Het moet niet altijd nippen zijn.

 

VRAAG VAN DE WEEK

Hebt ù ooit mogen blazen?

Ik wel. Twee keer. Twee keer Bob. Nog immer schallen mijn kreten van triomf door het heelal – wie lang genoeg leeft zal ze ooit horen.

180.000 controles kondigt Bob aan met eindejaar, een absoluut record. Dat is geweldig nieuws. Misschien kom ik dit jaar eindelijk weer eens aan de beurt. Het is verdorie tien jaar geleden. En al die tijd voorbeeldig geweest. Zonder beloning.

Een mens is een hond.

 

BEKENTENIS VAN DE WEEK

Mijn lichaam is niet langer onweerstaanbaar atletisch.

Hoe vreemd het ook klinkt, het is waar. Laatst keek ik naar mijn lichaam en ik dacht: kom dààr mee thuis. (Gelukkig was ik toen al thuis.)

Men noemt het verval – of slijtage, als men een technische achtergrond heeft. Men kraakt en piept, men flubbert en welft, men kromt en krimpt. En aldoor blijft men z’n eigen lichaam. Men bekijkt z’n handen en beseft: ook dít ben ik, die handen die aan de uiteinden van die armen zitten en vingers hebben, en aders en rimpels en vlekjes en haar. Ja, ook dít ben ik. Het is wat het is.

Los daarvan: lichamen zijn nuttig. Volgens mij zijn ze bedacht door hersenen. Die vroegen zich af: ‘Wat liggen wij hier in een hoekje weerloos briljant te wezen? Een lichaam, dàt hebben we nodig!’ Je moet hersenen niet onderschatten.

Hersenen bedenken zelfs beha’s voor mannen. Het schijnt de nieuwste rage in Japan te zijn. Alwaar mannen van Japanse geaardheid getuigen hoe lekker zo’n behaatje wel niet zit. Oosterse mystiek.

De brandweermannen hebben De Naaktkalender gewonnen. Vooruit maar. En wil iedereen nu z’n kleren àànhouden?

 

VASTSTELLING VAN DE WEEK

Soms denk je dingen die je niet mag denken. Zoals: wat is me dat voor hoogmoed, per se een kind willen hebben? En: nu willen ze hun koopwaar terug, die Gentse ouders.

Dan ben je een beetje boos op jezelf. Maar dat helpt niet: je blijft die dingen denken. En je vraagt je af hoe dat komt. Omdat je slecht bent? Of omdat het slecht is dat je die dingen niet mag denken? 

Ik heb makkelijk spreken. Ik heb mij voortgeplant. Op ambachtelijke wijze. Het resultaat van die amechtige kronkeling leeft nu z’n eigen leven. Soms maak ik er deel van uit. Veel vaker niet. Zo gaat dat. Nageslacht is een oefening in afscheid. Zoals alles wat van tel is.

Advertisements

From → Uncategorized

Leave a Comment

Leave a Reply

Fill in your details below or click an icon to log in:

WordPress.com Logo

You are commenting using your WordPress.com account. Log Out / Change )

Twitter picture

You are commenting using your Twitter account. Log Out / Change )

Facebook photo

You are commenting using your Facebook account. Log Out / Change )

Google+ photo

You are commenting using your Google+ account. Log Out / Change )

Connecting to %s

%d bloggers like this: