Skip to content

De onredbaren

May 6, 2017

Het leven is, op z’n best, een voortdurende oefening in het vermijden van ergernis. In eerste instantie de ergernis van anderen, vervolgens – nadat met het vorderen der jaren het inzicht is nedergedaald – de eigen ergernis.

Zeker, men kan z’n temperament niet ontlopen – temperament is als herpes: onvermijdbaar en hardnekkig. Men kan wel z’n ergernis leren doseren. Zich bijvoorbeeld niet telkens weer ergeren wanneer men bij thuiskomst merkt dat de poetsvrouw na het afstoffen de vaas op de buffetkast niet netjes pál in het midden heeft teruggezet. Men haalt eens diep adem, glimlacht bedaard, en verplaatst kwestieus voorwerp een weinig naar links of rechts, naargelang. Vervolgens aanschouwt men de aldus bekomen vertrouwde symmetrie en drinkt men tevreden een welverdiend glas bier. Immers, in de feilbaarheid van de poetsvrouw herkent men het eigen onvermogen tot perfectie. Bovendien: het argument ‘ja maar, ze wordt er wel voor betááld, hé’ houdt geen steek – dat bewijst men zelve elke dag op het werk.

(Perfectie is overigens ronduit akelig. De dag dat u bij het ontwaken vaststelt dat uw partner plots perfect blijkt, is de dag waarop u fataal ten prooi valt aan paranoia. In de imperfectie ligt het vertrouwen besloten. Men spiegelt zich aan elkaars onvolkomenheid. Gerustgesteld. Wat hou ik van je krasjes, schat, ze doen me denken aan de mijne.)

Er zijn evenwel mensen die de eigen ergernis nimmer ontstijgen. Men ziet het aan hun doorploegde gezichten, vol diepe voren van zuur, de ogen vaalgeel van pisnijdigheid, met spatten bloedeloos rood. Zulke mensen zijn deerniswekkend, doch uw deernis wekt slechts hun ergernis op. Zij zijn de onredbaren. Het vuur dat hen vooruit brandt, is het vuur dat hen verteert. Slagen, zo redeneren zij, is, alles welbeschouwd, slechts een matige gradatie van falen.

Zo’n mens kruiste afgelopen dinsdagmiddag mijn pad, aan de kassa van de supermarkt. Hij schold mij luidkeels uit omdat ik naar zijn zin niet snel genoeg opschoot. Ik wees hem op de fraaie ironie van het feit dat hij een bejaarde was. Toen noemde hij mij een lul. Ik glimlachte bedaard.

Advertisements

From → Uncategorized

Leave a Comment

Leave a Reply

Fill in your details below or click an icon to log in:

WordPress.com Logo

You are commenting using your WordPress.com account. Log Out / Change )

Twitter picture

You are commenting using your Twitter account. Log Out / Change )

Facebook photo

You are commenting using your Facebook account. Log Out / Change )

Google+ photo

You are commenting using your Google+ account. Log Out / Change )

Connecting to %s

%d bloggers like this: